Handschrift am Ende? Oder am Anfang?

Handschrift aan het einde? Of aan het begin?

In de verfilming van Choderles de Laclos' briefroman "Gevaarlijke relaties" is er een bijzonder mooie scène waarin de schurkachtige burggraaf de Valmont zijn jonge geliefde verleidt om een ​​hypocriet verlangende brief aan haar verloofde te schrijven. Omdat ze op dat moment in bed liggen, dient het bed handig als schrijfoppervlak voor deze brief.

Ook zonder een aantrekkelijk schrijfoppervlak: handschrift is ook sensueel.

Handschrift is ook sensueel.

Eén ding is duidelijk: deze situatie verliest veel van zijn aantrekkingskracht als je je voorstelt dat ze de liefdesbrief op een laptoptoetsenbord schrijft... Maar hoe vreemd de vergelijking ook mag zijn, het vat prachtig samen wat handschrift van typen onderscheidt.

Te beginnen met het gevoel. Het bewegen van een vulpen of penpunt, zelfs een balpen of viltstift, over papier – zelfs zonder een onbedekte achterkant als schrijfoppervlak – is een veel directere en zintuiglijkere ervaring dan staren naar een monitor en je vingers over een computertoetsenbord laten glijden. De hand glijdt over het papier en vormt rondingen, puntjes en bogen; de tekst vloeit op de pagina.

En net zoals schrijven anders is, zo is ook denken anders. Wie met de hand schrijft, benadert zijn taak anders. Snel wissen en plakken is onmogelijk, net als spontane verwijderingen of correcties; zelfs het veelvuldig gebruik van drag-and-drop vanuit andere bronnen op internet wordt ineens behoorlijk lastig. Wie met de hand schrijft, doet dat in veel opzichten bewuster.

Als hij het tenminste geleerd heeft. Want met de toenemende aanwezigheid van computers op kantoor, thuis en ook op scholen, wordt de noodzaak en waarde van handschrift steeds vaker in twijfel getrokken. Het debat is fel. Onderwijzers en neurowetenschappers, beleidsmakers in het onderwijs en uiteindelijk ook ouders wereldwijd discussiëren over de juiste aanpak.
Wetenschappelijke studies tonen aan dat het leren vloeiend schrijven een positief effect heeft op de ontwikkeling van een kind.

Zoals je ziet: handschrift is goed voor de hersenen.
Zoals je ziet: handschrift is goed voor de hersenen.

Desondanks leren kinderen op veel basisscholen eerst drukletters, met het voor de hand liggende argument dat ze later toch alleen maar drukletters zullen gebruiken, dus waarom zouden ze dan vloeiend moeten kunnen schrijven? Pas na twee of drie jaar krijgen ze, zij het met enige tegenzin, een soort schrijfschrift aangeleerd, dat (en ook qua praktische bruikbaarheid) kan verschillen van staat tot staat, en soms zelfs van school tot school.
En daarbij gaat een gevarieerde zintuiglijke ervaring verloren, die later moeilijk in te halen is…

Conclusie: Hoe meer het handschrift aan het einde lijkt te staan, hoe duidelijker het wordt dat het zich aan het begin moet bevinden.

Redactie: Neuland
Illustratie: Thies Thiessen
Terug naar blog